Oro, plata & relojes

cuchara

De lepel is het oudst bekende bestekdeel waarmee voedsel in vast of vloeibare vorm kan worden genuttigd.

De lepel bestaat uit twee delen, de lepelsteel en de lepelbak.

Soms zit er tussen de twee delen een verbinding dit wordt een rattestaart genoemd.

Het maken van lepels is een vak apart, en vaak maakte een zilversmid het zich als specialiteit eigen , een lepelsmid of couvertmaker.

 

 

 


van links naar rechts 20e eeuw 19e eeuw 18e eeuw vroeg 18e eeuw

De rattestaart, de verbinding tussen de steel en de lepelbak evalueert van ondersteuning naar sierelement.

Aan het eind van de 18e eeuw werden de stoommachine en de pletmolen uitgevonden.

Hierdoor werd het eenvoudiger om zilverplaat te persen en te walsen.

Het gevolg was dat men meer ,sneller en efficienter kon werken.

In de 19e eeuw werd het zilver steeds dunner om het een meer massaproduct te kunnen maken.
Ook werd men zich meer bewust van de tafel-etiquette.

Zilverfabrikanten bedachten voor elk gerecht wel een lepel, vork, schep of tang.

Garnalenschepjes, komkommercouverts, notenpellers en nog veel meer bestekdelen werden vervaardigd, op de onderstaande foto een greep uit het lepelgedeelte.

Van links naar rechts:

het kleinste lepeltje het zoutlepeltje, mokkalepel, theelepel, eierlepel, ijslepel, koffielepel, grapefruitlepel, bouillonlepel, dessertlepel, tafellepel, groentelepel en de brijlepel.

Van elk bestekdeel vindt u in deze wiki een aparte beschrijving. 

Deens: ske
Duits: Löffel der
Engels: spoon
Frans: cuiller
Italiaans: cucchiaio
Nederlands: lepel
Noors: skjeen
Portugees: colher
Spaans: cuchara
Zweeds: sked

Categoria: Profano argento | Cubiertos

Auteur: Dhr. Huub van der Sanden